donderdag 7 juli 2005

op zoek naar de bijdrage van AAG!

Een nieuwe dag dus maar gauw opstaan. Het is 6.00 uur als de wekker meldt dat het tijd is om op te staan. Dit keer had ik de wekker weer nodig, anders lag ik om 8.00 uur misschien nog te pitten. Dat kan vandaag niet want er staat een hele lange reis gepland. Ik heb me voorgenomen om het project waarvoor AAG in december 2004 een bijdrage heeft geleverd te bezoeken. Dat is een lange reis van meer dan 250 km per auto, waarbij de wegen mogelijk van slechtere kwaliteit zijn dan de Hollandse snelweg. Ik heb met de architect afgesproken dat hij mee gaat. Altijd handig een lokale reisgenoot. We gaan in mijn car, een Toyota met airco, maar zonder cruisecontrol.

Om 7.15 uur vertrekken we vol goede moed. De benzinetank is vol en ik woel ons door het verkeer in Paramaribo. Dit keer rijden we in westelijke richting. Nadat we Paramaribo hebben verlaten, is de route eenvoudig. De volgende 240 km gewoon de asfaltweg aanhouden, de kuilen ontwijken, tegenliggers en al het volk dat op de weg loopt niet aanrijden. Verder de boodschap: let op de verkeersdrempels, het zijn er veel en dat hebben we geweten. Na afloop van de reis heb ik mijn uitlaat maar niet bekeken, ik verwacht zo plat als een dubbeltje.

De reis verloopt voorspoedig, geen file en gewoon doorrijden. Veel groen, palmbomen, bomen, gras, ……, ……, wat het allemaal is, dat weet ik niet. Wel de kleur, het is allemaal groen. Ook zien we veel vogels zoals de ‘stinkvogel’. Gewoon een aasgier die op de thermiek zweeft. Prachtig als je er 10-tallen bij elkaar ziet zweven. Ook reigers, alleen niet zo oud want ze zijn niet grijs maar wit.

Na verloop van tijd krijg ik dorst. Op zoek gaan naar de Shell-koffie heeft geen succes. Ik vind een snackbar en er is cola. Broodjes ontbreken, er zijn alleen kaaskoekjes. We nemen dus maar kaaskoekjes. De rekening is 8 Surinaamse dollars. Ik betaald met een biljet van 50 dollar, maar ze heeft niet terug. Mijn reisgenoot heeft een biljet van 10 dollar maar ook daar heeft ze niet van terug. Volgens mij heeft ze helemaal niets om terug te geven. Totdat we een zak pinda’s zien. Doe die dan maar!
Ik ga verder, neem onderweg wat foto’s, bezoek een kerkje, een begraafplaats. Neem wat foto’s van lokale ‘woningbouw’. We bereiken de Coppename-rivier. Een hele brede rivier en, met dank aan Ballast Nedam, een smalle lange brug die we snel kunnen nemen. Hoewel de brug al lang klaar is, is de bouwplaats nog overduidelijk zichtbaar. Het was waarschijnlijk te duur om de bouwketen mee te nemen. Dus het grijs-blauw (huiskleuren Ballast) staat er nog gewoon. Dat geldt ook voor auto’s, betonmixers, betonpompen. Van alles heb ik inmiddels zien rondrijden met nog het telefoonnummer van Van Grootel, dus 040 - …….

Ik verhoog het tempo van de auto, want er is nog een fors stuk te gaan. Het lukt, de kuilen worden minder, of ik zie ze niet meer. We passeren veel verlaten, niet meer onderhouden, plantages, vervallen woningen en nog veel meer. Toen ik een foto nam van een mooie maar zeer slecht geschilderde woning, sprak een vrouw mij aan. Ze vroeg of ik het verven ging sponseren. Ik vroeg haar wanneer zij de kwast zou pakken en dat was de verkeerde vraag……. Ik weet niet of het kwam omdat de woning van een regeringsfunctionaris was of dat het ergens anders mee te maken had.
Na het passeren van grote tot zeer grote rijstvelden, bananenplantages en veel meer, bereik ik rond 11.00 uur Nickerie. De tweede stad van Suriname met wel 30.000 inwoners. Zeg maar Elst qua omvang. Een geweldig dorp en zonder problemen vinden we het kantoor van WIN. De stichting die een belangrijke rol heeft in project waaraan AAG een bijdrage heeft geleverd. Ik vind de veldwerker Rob Mooij die nog even weg moet. Vervolgens kom ik in gesprek met een lokale medewerker en een stagiaire van de Universiteit van Amsterdam. We krijgen uitleg over WIN, ze verrichten geweldig werk in Nickerie.
Na ½ uur komt Rob terug. Hij vertelt me veel meer over zijn werkzaamheden, De Paus, MEE en de activiteiten die ze in Nickerie doen. En vrij snel stap ik bij hem in de auto en brengen we een bezoek aan het project. We zien de dagopvang van gehandicapte kinderen. We bewonderen de slaapverblijven en staan versteld van de wijze waarop gewerkt wordt. Rob heeft er echt veel verstand van en probeert ook daadwerkelijk een bijdrage te leveren die op langere termijn effect heeft. Er wordt veel met stagiaires gewerkt die daarmee ook een geweldige tijd hebben. Ervaringen opdoen en een bijdrage leveren. De coaching van Rob, vanuit zijn inspiratie voor het werk, is volgens mij heel erg belangrijk.

Nadat ik afscheid heb genomen bezoek ik de lokale chinees (soms wil de inwendige mens ook wat). Hierna staat de Zeedijk op het programma. Een echte dijk aan de Corentyne-rivier die bij Nieuw Nickerie in de oceaan uitkomt met aan de overkant Brits Guyana. Weer een land waarvan ik kan zeggen dat ik het ‘gezien’ heb. Ik raak de tel van het aantal landen inmiddels kwijt, met name mijn bezoeken aan Joegoslavia zijn lastig in aantallen weer te geven, het is maar net wat je als land rekent.

Tijdens mijn bezoek aan WIN heb ik de manager van het kindercentrum gesproken. Zij is vanuit de Paus gedetacheerd en wil met haar vriendin, die op bezoek is, het weekend naar Paramaribo. Ik bied hun een lift aan, waar ze graag gebruik van maken. Een airco-auto is veel beter dan een lokale mini-coach, en ik kan wat meer Surinaamse ervaringen horen.

De weg terug naar Paramaribo is even lang als de heenreis. Hoewel, …. Ik bezoek nog even het plaatsje Wageningen. Het blijkt werkelijk een dorp van niets te zijn. Ik kan er niet tanken, de benzine is op en mijn auto rijdt niet op diesel. Met de benzinemeter op E(mpty) bereik ik Totness. Ik laat de tank maar helemaal vol gooien. De schade blijkt 16 euro, een koopje. Giet de bolletjes maar vol. Hoewel in een bolletje kan beter wat anders.

I k scheur verder en hoor regelmatig de uitlaat over de drempel schuren. Of zou het misschien het moterblok zijn? Zeker met 2 dames achter in de auto en Frits en ik voorin, liggen wij laag op de weg. Sommige kuilen blijken dieper dan je verwacht, althans als er water in staat en de reis gaat verder. In Paramaribo bezoeken we de school waaraan AAG ook een bijdrage heeft geleverd. Omdat ik me niet had voorbereid op dit bezoek en Frits het wel op de website had gelezen komt het op het programma. Het was goed om te zien, ik kan mooie foto’s van de kinderen maken.


Rond 18.00 uur ben ik terug op mijn hotelkamer. Ik neem wat koffie, kijk naar CNN, check de mail en bereid me voor op de avond. Vanavond ga ik samen met Frits (de architect) en zijn vrouw eten. Om 20.00 uur word ik opgehaald en we vertrekken naar een gezellig restaurant aan de Suriname-rivier. Ik eet soep en biefstuk en we bespreken vooral politiek. De verschillen en overeenkomsten tussen Nederland en Suriname bespreken we. Conclusie: als het aan de politiek ligt, wordt het nooit wat. √Čn, als je wat anders wilt, dan gaat er een generatie overheen.

Om 22.30 uur ben ik weer in mijn hote en rond ik het dagboek van dag 5 af. Ik zie aan mijn e-mail, dat het me lukt steeds meer ezers te krijgen. Mis ik dan toch een roeping?

Geen opmerkingen: